Zes jaar. Zo lang is het alweer geleden dat mijn zusje overleed. Soms voelt het als gisteren, soms als een ander leven. En toch is ze er nog. Overal. In kleine dingen, in grote vragen, in onverwachte ontmoetingen met haar herinnering. Alsof ze zich nooit helemaal heeft laten uitchecken.

Ik ben inmiddels ouder dan zij ooit is geworden. Dat is zo’n besef waar je even van moet gaan zitten. Alsof ik een grens ben overgestoken waar zij nooit bij kon komen. En daar sta ik dan, in een landschap waar zij nooit heeft rondgelopen. Dat maakt me soms verdrietig. En op sommige dagen, eerlijk is eerlijk, ook een beetje schuldig. Waarom zij niet verder, en ik wel?

zes jaar laterEr zijn periodes waarin ze ineens overal is. In foto’s die ineens uit een doos tevoorschijn komen. In Facebookherinneringen die me ongevraagd terugwerpen naar een vakantie, een verjaardag, naar een onnozel moment dat nu ineens goud waard is. En altijd is ze daar hetzelfde. Dezelfde blik, dezelfde stem die ik nog hoor, dezelfde zwarte humor die eigenlijk over de grens ging, maar stiekem zó grappig was dat je niet anders kon dan erom lachen. Haar gezicht dat blijft stilstaan in de tijd, terwijl het mijne langzaam verder trekt.

Ze duikt dan ook op in dromen. Soms vaag, soms messcherp. Zoals een paar jaar geleden toen ik haar in mijn droom vertelde dat ik bij de politie zou gaan starten; de organisatie waar zij jaren werkte. Ze trok haar wenkbrauwen op, keek me aan zoals alleen zij dat kon en zei: ‘Je weet toch wel waar je aan begint hè?’ Typisch zij. Enthousiast, maar wel met een half grinnikje en een ondertoon van bezorgdheid. Toen ik wakker werd, wist ik precies hoe het vervolg zou zijn geweest. Toen ik na een korte tijd weer afscheid nam van die carrière en terugkeerde naar het ondernemerschap, zou ze haar armen over elkaar hebben geslagen en hebben gezegd: ‘Ja Cick, dat had ik je ook wel kunnen vertellen.’

Ze was nét oma toen ze overleed. En nu ben ik het ook. Als ik mijn kleinzoon optil en zijn warme lijfje tegen me aan voel, komt het ineens binnen: zij heeft dit moeten missen. En haar kleinkind moet haar haar hele leven al missen. Soms denk ik: hoe had ze het gedaan? Zou ze ook standaard haar tas volgestouwd hebben met rozijntjes, sokjes en een verdwaalde speen, ‘voor het geval dat’? Of onder het mom, streng maar rechtvaardig, toch de oma zijn waar je net wat meer mag?

En dan zijn er van die momenten waarvan je denkt ‘hoe dan’? Dan zit ik in de auto, druk ik op ‘play’ en start de playlist ineens met dat ene nummer waarvan ik zéker weet dat zij het altijd net iets te hard draaide. Alsof ze even meeluisterde. Of misschien zelfs voor me heeft gekozen. Ik betrap mezelf vaak op de gedachte: Wat als…? Had ik haar vaker moeten bellen? Hadden we onze meningsverschillen sneller moeten gladstrijken? Hadden we… ach, die vragen zijn als muggen in de nacht. Je hoort ze, je voelt ze, maar je krijgt ze niet te pakken.

En toch is er iets veranderd. De scherpe randjes zijn zachter geworden. De rouw is niet verdwenen, maar draagt andere schoenen. Makkelijker om op te lopen. Ik denk nu vaker met een glimlach aan haar dan met een traan. Ik zie ons weer praten over dat kleurboek voor volwassenen. Zij, streng binnen de lijntjes. Ik, roekeloos met paars in het geel. En dan, aan het eind van ieder gesprek, een ‘love you’. Niet zoetsappig, maar precies goed. Zoals zij dat kon.

Wat ik de afgelopen jaren heb geleerd? Dat rouw niet alleen gaat over wie je mist, maar ook over hoe. Mijn broer mist zijn zus, mijn zus mist haar zus en ik mis mijn zusje. Niet één verlies, maar drie. Elk met een eigen verhaal. Want zoals ik dat ooit leerde in het hospice: er sterft nooit één persoon. Er sterven meerdere versies van dezelfde persoon, in de ogen van iedereen die van haar hield. Zes jaar zijn voorbijgevlogen. Maar haar plek is er nog steeds. Niet in steen, niet in stof, maar in mij. In wie ik ben geworden. In wat ik voel en in wat ik koester.  En als ik dan toch moet kiezen: liever gemis met herinnering, dan geen herinnering om te missen. Love you.

lees ook mijn eerdere blog ‘zussen‘ over het overlijden van mijn zusje